Methodologie van de toegankelijkheidsmonitor

De Toegankelijkheidsmonitor is een meetinstrument dat AnySurfer in 2007 ontwikkelde in samenwerking met K-point, het onderzoeks- en kenniscentrum betreffende ICT en inclusie van de Katholieke Hogeschool Kempen (nu Thomas More). De monitor brengt de toegankelijkheid van de Belgische websites in kaart.

Het percentage toegankelijke sites bereken we volgens deze methode:

  1. Een steekproef van websites selecteren
  2. Studenten webdesign, communicatie en ICT sensibiliseren met een gastcollege
  3. Studenten voeren de quickscan uit
  4. AnySurfer consolideert de resultaten

Een steekproef van websites selecteren

De steekproef moet een realistisch beeld geven van het Belgische internet. Elke categorie bevat, indien mogelijk, zowel Franstalige als Nederlandstalige websites. De steekproef wordt elk jaar aangepast omdat sommige websites niet meer bestaan.

Naast de algemene steekproef, worden er soms ook andere steekproeven verwerkt (Vlaamse websites, provincie antwerpen) op aanvraag. De resultaten worden dan apart berekend.

Hogeschoolstudenten sensibiliseren

Om de steekproef van websites te controleren, doen we een beroep op studenten webdesign.

In de eerste plaats sensibiliseren we hen door een gastcollege te integreren in hun curriculum. Tijdens het gastcollege leggen we de studenten ook uit hoe ze een website evalueren aan de hand van de AnySurfer QuickScan.

Vervolgens analyseert elke student een website uit de steekproef. Elke site wordt door meerdere studenten beoordeeld.

De quickscan

De bestaande auditprocedure die AnySurfer hanteert, is uitgebreid en vereist ervaring en specifieke technische voorkennis. Om een snel, maar betrouwbaar idee te krijgen van de toegankelijkheid van de gecontroleerde websites, is een eenvoudiger en minder tijdrovend instrument nodig. De AnySurfer QuickScan biedt een procedure die snel kan vaststellen of een website (on)toegankelijk is.

De QuickScan bevat een selectie van 15 ijkpunten die de toegankelijkheid van een website het meest beïnvloeden. Aangezien deze ijkpunten slechts een selectie vormen uit de volledige auditprocedure, doet de AnySurfer QuickScan geen uitspraak over de volledige toegankelijkheid van een website. Om te bepalen of een website toegankelijk is, moet een volledige audit uitgevoerd worden.

De QuickScan biedt met andere woorden een antwoord op de vraag: "Voldoet deze website aan de minimumcriteria om in aanmerking te komen voor het AnySurferlabel?".

Om tot een kwantificeerbaar eindcijfer te komen, krijgt elk van de 15 ijkpunten een gewicht (*) van 1, 2 of 3. Een website slaagt voor de AnySurfer QuickScan als ze minstens 75% scoort.

De student beoordeelt elk ijkpunt als Ok, Niet ok of Niet van toepassing, gevolgd door een toelichting. Elke website werd beoordeeld door meerdere studenten.

De studenten controleerden minstens 6 representatieve pagina's van elke website. Daar horen in ieder geval altijd bij (indien beschikbaar):

  • De homepage
  • Twee typische inhoudspagina's
  • De contactpagina
  • De sitemap
  • De zoekpagina en de pagina met zoekresultaten

De studenten geven de resultaten in via een webformulier. Hun docenten krijgen toegang tot alle gegevens om de studenten op deze opdracht te beoordelen.

Consolideren van de resultaten

Voor elke website weten we per ijkpunt hoeveel studenten het beoordeeld hebben op OK, op niet OK en op Niet van toepassing.

Berekening van een resultaat per ijkpunt voor elke website

We gaan er van uit dat de meerderheid gelijk heeft. Als alle studenten een ijkpunt op dezelfde manier hebben beoordeeld is het eenvoudig:

  • 100% 'Oké' dan is de beoordeling 'Oké'
  • 100% 'Niet oké' dan is de beoordeling 'Niet oké'
  • 100% 'Niet van toepassing' dan is de beoordeling 'Oké' omdat dit aangeeft dat er geen probleem is.

Als niet alle beoordelingen gelijk zijn:

  • Gaan we verder door 'Niet van toepassing' ook te negeren. Wanneer een student het ijkpunt beoordeelde als 'Oké' of 'Niet oké' dan heeft hij/zij dat type content (afbeeldingen, video, tabel, lijst) wel aangetroffen op de website en dan is de beoordeling 'Niet van toepassing' onjuist.
  • Bij een verschil tussen 'Oké' en 'Niet Oké': zegt de meerderheid 'Oké', dan wordt de beoordeling 'Oké', zegt de meerderheid 'Niet Oké' dan wordt het 'Niet Oké'.
  • Is er een ex aequo, dan wint 'Niet Oké'. 'Oké' kan betekenen dat de student de inhoud niet problematisch vindt, maar het bewijst niet de afwezigheid van het probleem.

Op deze manier krijgen we 15 resultaten voor elke website, 1 per ijkpunt.

Berekening van een gewogen resultaat per website

Aan elk ijkpunt kenden we een gewicht van 1, 2 of 3 toe, afhankelijk van het belang ervan. Om tot de toegankelijkheidsscore te komen maken we een gewogen gemiddelde.

Berekening van het aantal toegankelijke sites in de steekproef

Op basis van de percentages die we berekend hebben voor elke website kunnen we berekenen welk percentage van de websites tenminste 75% heeft behaald. 75% is de minimumscore om in deze monitor als voldoende toegankelijk beschouwd te worden.